De bioloog en Jill.

Sylvia wilde weten hoe het staat het met de bioloog.

Kleine intro voor de nieuw meelezende mensch. Ik bleek ooit, in het krijt, na een paar vrijpartijen met een niet-serieuze kandidaat, zwanger. Hij wilde abortus en ik niet. Jill en ik zijn jaren samen/alleen geweest. Sinds twee jaar hebben Jill en haar biologische vader contact. Vlam heeft ruim vijf jaar geleden Jill erkend als zijn dochter.

Ik ben altijd eerlijk geweest naar Jill toe. Nooit dingen mooier voorgedaan dan ze zijn. Maar ook nooit echt kwaad gesproken over de bioloog. Wél dat ik zijn keuze afkeurde. Niet per se het kiezen voor een abortus, maar je van alle verantwoordelijkheden onttrekken. Ik heb haar altijd verteld zoals het was en haar beloofd dat wanneer zij er klaar voor was, ze contact met hem mocht opzoeken. Met als kanttekening dat ze in ieder geval tien jaar moest zijn. En de bioloog had ik duidelijk gemaakt nooit zonder mijn medeweten contact op te nemen met haar. Ik had begrip ooit voor zijn keuze, heb jarenlang alles alleen gedaan, dus ik vond dat ik wel in de positie was één en ander te eisen.

Op de avond voor Jills zestiende verjaardag ontving ik van de bioloog een nogal in scene gezette foto. Hij, zijn vrouw en hun drie kinderen op de bank met een papier met daarop ‘van harte gefeliciteerd Jill’.

Ik voelde me enorm voor het blok gezet. Sterker nog: ik noem het knalharde emotionele chantage.

Want wat ik ook koos, het zou gevolgen hebben.

Het liefste had ik hem terug gemaild en gevraagd waar de hel hij mee bezig was en had ik de foto weggegooid. Maar wat als Jill daar achter zou komen ooit? Zou ze het me kwalijk nemen?

En dus mailde ik de foto door. Met lood in mijn schoenen. Ik was heel verdrietig. Ik had geen zin haar te moeten delen met een vreemde. Vlam, Jill en ik waren gelukkig met ons drietjes. Het was niet mijn probleem dat hij na al die jaren ineens sentimenteel geworden was…

Vlam had het er heel erg moeilijk mee. Was bang ingeruild te worden. Vlam heeft altijd kinderen willen hebben, ze nooit gekregen en was (en is) knettergek op Jill.

We hebben alle drie een aantal heel moeilijke maanden gehad. Veel gehuild, veel twijfels gehad, enorm van de leg geweest.

Inmiddels hebben ze twee jaar contact en -wat ik stiekem gehoopt had, sorry, is ook uitgekomen- het aantal bezoekjes is op twee handen te tellen en is er ook niet echt sprake van een band.

Jill is sowieso een enorme kat-uit-de-boom-kijkert. Ze hecht zich niet snel aan mensen. Ik had al voorspeld dat ze hem moeilijk toe zou laten. En ik begrijp het wel. Ik niet ook dat hij niet helemaal haar type is. Hij staat heel anders in het leven dan dat wij dat doen.

Maar er echt over praten doen we eigenlijk nooit. Zij heeft recht op haar privacy en ‘geheimen’ en ik kan me heel erg goed voorstellen dat ze vecht met een stukje loyaliteit naar ons toe. Ik informeer zo nu en dan wel eens, maar push nooit.

Maar laten we eerlijk wezen, wat zegt het delen van een stukje DNA nou eenmaal?

Wat telt zijn gezamenlijke herinneringen, dat iemand er voor je is als je hem nodig hebt, vertrouwen, je op je gemak voelen bij iemand, warmte, geborgenheid. Er zijn op de belangrijke momenten in je leven.

Dan ben je pas echt een ouder.

Ze heeft verkering! Of zoiets.

Jill kwam uit het niets met ene Luc op de proppen. Ineens zat hij in verdacht veel van haar verhalen. Hij bleek een vriend van één van haar beste vrienden.

Vlam en ik zagen de romantische bui natuurlijk allang hangen.

En ja hoor: daar was ie eindelijk. Dé vraag c.q. aankondiging. ‘Is het oké als Luc en ik zaterdagavond nog even de stad in gaan om wat te drinken?’

‘Tuurlijk skatje!’

En vrij vlot daarop volgde een dubbeldate met nog twee andere vrienden.

Bij Jills thuiskomst vroeg Vlam steeds op zijn bekende ‘bescheiden’ en nogal plastische manier of er nou eindelijk al getonghockeyd was? Of er al aan huigtikkertje was gedaan? (En dan uitspreken op zijn Haags. Vréselijk tenenkrommend).

Maar ja: ik kan u heugelijk nieuws melden. Overigens met goedkeuring van La Bill zelf. Ik blog niets óver haar zónder haar akkoord.

Er is een relatie!

Verkering.

Ze daten.

Ze hebben met elkaar of weet ik veel hoe dat tegenwoordig heet. Ik heb het opgegeven, het bijblijven qua taal. Een jaar of wat geleden had je nog flow als je in de aftastende fase zit. Als ik dat woord nu gebruik,word ik met rollende ogen aangekeken of ik hartstikke debiel ben. Jill weet het volgens mij zelf ook niet. Op een gegeven moment schijnt Luc gevraagd te hebben wat ze nou zou zeggen als iemand haar zou vragen of ze een vriendje had en ze antwoordde dat bevestigend. En dat kon hij wel waarderen. Hoppa. Relatie bezegeld. Op Facebook heb ik overigens nog geen relatiestatus zien veranderen. Maar misschien is dat óók weer ‘not done’ anno 2018?

Ons kind en een relatie.

Leuk man. Ik vind het hartstikke tof voor haar.

En zo op de eerste twee korte ontmoetingen gebaseerd leek het een zachtaardig en beschaafd figuur. Heel anders dan de eerste halfbakken ster aan het firmament. Een nogal arrogant mannetje dat toen Jill beide voortanden eraf brak tijdens een valpartij met haar paard, ineens in geen velden of (digitale) wegen meer te bekennen was. Zelfs een oppeppend appje was al teveel gevraagd. De dagen daarvoor, toen hij had bedacht zijn tong even tussen die toen nog intacte tanden te kunnen steken, stond ze wel in het middelpunt van zijn belangstelling. Deze Luc is heel andere koek. Ik hoop dat de ‘verkering’ nog even blijft. Gezellig hoor, een schoonzoon.

Rees bij mij in de afgelopen week ook de vraag: wanneer gaat een relatie in eigenlijk?

Toen Vlam en ik elkaar ontmoetten was de eerste date gewoon iets met bier aan een bar. Was gezellig, bedankt, kusje op de wangen en klaar. Tijdens de tweede date zaten we ineens te tonghockeyen. Binnen no time zaten we elk weekend bij elkaar en een jaar later trok hij bij ons in. Er is mij nergens iets gevraagd bedenk ik mij ineens nu. Ook niet toen we trouwden.

Gemakshalve houden we de datum van onze eerste date maar aan als het begin van onze relatie.

Bron: Pixabay (762564)

Het is besmettelijk geloof ik.

Maandagavond kwamen we terug van vakantie en woensdagmiddag hing ik alweer in de apparaten.

Ik had drie weken niets gedaan en was benieuwd hoe het sporten zou gaan.

Voor we op vakantie gingen heb ik wel nog even gekeken of ik misschien in Moraira een sportschool kon vinden. Maar ik ben blij dat ik niets had afgesproken. Ik was namelijk echt overleden als ik met die bloedhitte op de crosstrainer had gemoeten. Het idee alleen al… We zijn een paar keer lángs de sportschool gereden. Dat vond ik echt al meer dan genoeg.

Goed. Woensdag.

Vol zin (ja echt hè?) fietste ik naar de sportschool. Vol enthousiasme begroette ik de instructeur en de fysiotherapeut. Helemaal klaar voor de strijd was ik. Ik plantte me op apparaat één en ging vol goeie moed aan de slag.

De spierversterkende oefeningen gingen me redelijk goed af. Niks aan het handje.

Maar toen kwam cardiooefening nummer één.

EN – DAT – VIEL – TEGEN!

Na één minuut voelde ik het zweet al op mijn slapen verschijnen. Mijn hoofd verkleurde gelijk al naar licht lila. Van de vier minuten heb ik er eentje afgesnoept. Ik kón niet meer. Ik hijgde als een postpaard.

Toen ik klaar was na de tweede ronde en van de fiets stapte, was ik knalpaars. Met kloppende slapen. En ik stond gewoon te tollen op mijn benen. Misselijk van de inspanning was ik. Bizar dat je na drie weken al voor je gevoel opnieuw kunt beginnen. Ik was zwáár teleurgesteld in mijn lichaam. Had er echt enorm de P in.

‘Ik ga echt nóóit meer op vakantie’ riep ik uit.

En een spierpijn dat ik had de dag daarna.

Poeh.

Vrijdag was ik er weer. Iets voorzichtiger. Iets minder enthousiast ook. Maar het ging al stukken beter. Goddank.

En zondag ben ik weer gegaan. En toen ging het -halleluja- bijna weer als vanouds.

Morgen ben ik weer van plan om te gaan en dan ga ik de zogenaamde tweede fase in. Dan gaan al mijn apparaten dertig procent omhoog. Zal mij benieuwen. Ik zet me alvast schrap voor een aanslag. Ik denk zomaar dat ik donderdag iets van pijn heb.

Ik ben van plan om de aankomende maanden drie keer in de week te gaan.

En -het moet niet gekker worden-, ik ga een maand geen alcohol drinken. Om te kijken wat het effect is op mijn lichaam en gewicht. Nou ben ik geen enorme drinker, alleen op vrij- en zaterdagen ga ik aan de wijn. Maar toch. Ik drink al mijn hele volwassen leven sowieso elk weekend en ik ben gewoon even heel erg benieuwd hoe het me af zal gaan.

De volgende stap is dat ik alleen nog onbespoten scharrelframbozen en ongebleekte bananen ga eten. Rauw. Uiteraard.

Nee hoor, geen zorgen. De gezondheidsgekkigheid houdt hiermee echt op. Drie keer in de week sporten en een maand geen drank.

Mijn enthousiasme is overigens wel besmettelijk gebleken. Sinds gisteren zijn zowel Vlam als Jill ook een aantal dagen per weer in de sportschool te vinden.

Volgend jaar herkent u ons niet meer terug denk ik.

Voor de strijd. De ‘na-foto’s’ mocht ik niet openbaar publiceren van Jill 😉

 

De vlag kan uit!

Jippiejajee.

Jill gaat over van vier naar vijf havo!

Ons gezeik en gezaag en getrek heeft zowaar zijn vruchten afgeworpen.

Ze heeft één zeven, één vijf en de rest zesjes. Met de hakken over de sloot dus, maar dat is prima.

Zelf kwam ze nog ineens met het verrassende nieuws dat ze (vrijwillig! Mijn bek viel echt open) de vijf voor godsdienst wil gaan herkansen. Omdat ze dat cijfer toch ook meeneemt naar volgend jaar. En omdat ze zegt er tijd voor te hebben, want alhoewel de zomervakantie officieel nog niet begonnen is, is La Bill op een middagje bowlen en haar boeken inleveren, gewoon al klaar met dit schooljaar.

Ik ben blij met het feit dat ze het gehaald heeft maar ik ben onwijs blij met de ommekeer die ze gemaakt heeft. Net op tijd het licht gezien. Ik ben echt heel trots op haar.

Hier in huis hadden we helaas de afgelopen weken nog even vet hommeles.

Vlam kan niet zo goed omgaan met pubers, dat is duidelijk geworden de afgelopen maanden. Hij snapt niet hoe het soms in die hoofden eraan toe gaat. Hij wil hun gedrag begrijpen, ze doorgronden. Pubers moet je niet willen begrijpen. Soms zijn ze heel lief. Soms zijn ze onuitstaanbaar. Klaar. De ene dag doen ze van alles voor je. De volgende dag draait het hele universum om hen. Ze gaan van de hak op de tak met hun gevoel en je moet ze maar een beetje laten gaan.

Ik vind de lieve zorgzame Jill ook veel leuker dan het meisje/de vrouw dat/die me over de rand van haar telefoon zwáár geïrriteerd aankijkt omdat ik het dúrf te vragen hoe het met haar gaat en of ze nog cijfers terug heeft gekregen.

Ik baal er ook ontzettend van dat wanneer ik interesse toon en iets vraag en ik een éénletterig, zwaar gesloten antwoord terug krijg.

Ik vind het ook niet leuk als ze nul komma nul interesse heeft in mij en mijn bezigheden. Wat kost het verdorie voor moeite om aan iemand te vragen hoe zijn dag was? Of het sporten goed ging? Of dat je iemands kookkunsten waardeert?

Maar het is niet anders.

En ik weet uit eigen ervaring dat doorgaan en zeuren nogal van de averechtse werkt.

Vlam niet. En dus zat ik vorige week met twee zwijgende, stuurs voor zich uit starende en elkaar zwaar negerende mensen aan tafel. Erg gezellig. Ik pakte mijn bord op en verkaste naar binnen. En ik sommeerde Chag en Rijnig om te gaan práten. Samen. En ik vroeg Vlam om als-je-blieft de wijste te zijn. Niet haar met gelijke munt terug te betalen.

Bij pubers helpt het niet om ze te behandelen zoals zij jou behandelen. Het enige dat daar van komt is dat ze nog meer afstand nemen.

En dat is wat er hier gebeurde.

Maar sinds vandaag is het -geloof ik- zowaar weer goed aan het komen tussen die twee.

De vlag kan uit. Om meerdere redenen.

Had ik al gezegd dat ik blij was?

Bron: Pixabay

Kleine meisjes worden groot.

Jill is sinds een maand of twee aan de pil.

Ik moest er zelf even van bijkomen. Ik verwachtte de vraag al een poosje, maar ik wil dat ze zelf met dingen komt. Jill is van de afwachtende en ik juich elk initiatief van harte toe.

Het is niet dat ze ‘m nodig heeft omdat het anticonceptie is. Ze baalt van het steeds maar weer ongesteld zijn op de verkeerde momenten. Ik snap dat als geen ander. Mijn lichaam, waar ik doorgaans erg blij mee ben, verraadt me elk jaar weer. Elke vakantie ben ik de Sjaak. In de afgelopen zeven zomervakanties is het nog nooit voorgekomen dat ik niet ongesteld ben. Knap hoor. Tweeënhalve week per jaar ben ik weg en -klabaf- tuurlijk het haas.

Het is stront- en strontvervelend als je op het strand ligt en na elke zwembeurt jezelf kunt verschonen. Het is K U TEE als je op een smerig toilet zonder papier terecht komt. Het is shit als je -net als Jill vorig jaar- met rode dijen de zee uitstapt. Doodongelukkig voelde ze zich. Ik had zó met haar te doen.

Dit jaar hebben we ook weer een appartement met een zwembad. Jill is een enorme waterrat en kan zich er uren in vermaken. Geen feestje als je je de hele tijd moet afvragen of het down under daar allemaal wel goed gaat.

‘Mam, kun jij alsjeblieft aan Peter vragen of ik de pil mag?’ kwam dan ook niet echt als een verrassing.

Ze mocht het echter van mij zelf gaan vragen. Welkom in de volwassen wereld. Ik maakte een afspraak voor haar en ze meldde zich. Een kwartiertje later stapte ze met recept weer naar buiten. ‘Het enige dat hij zei is dat het geen bescherming is tegen SOA’s’ aldus een opgeluchte Jill.

Peter daarentegen was ernstig van de leg. ‘Ik heb nog een tekening hangen van haar…’ zei hij beduusd.

Tsja… Vertel mij wat. Aan de pil. What’s next? Emigreren naar Australië? Kleinkinderen? Een rugbedekkende tatoeage?

Ik heb Jill de afgelopen maanden scherp in de gaten gehouden. Zelf word ik namelijk nogal depri van toegevoegde hormonen. Om die reden heb ik me vrij vroeg, op mijn tweeëndertigste, al laten steriliseren. Ik sprak met Jill af dat wanneer ik gedragsveranderingen bij haar constateerde, we een ander merk zouden proberen. Ze heeft nergens last van. Geen stemmingsveranderingen, geen acne, geen gewichtstoename.

Ik heb haar uitgelegd dat ze bijna volwassen is, dat het haar lichaam is, dat ze zelf mag beslissen hoe ze daar mee omgaat, maar dat ik haar wilde waarschuwen niet te lang door te blijven slikken. Ik weet dat gynaecologen er geen punt van maken om maanden achter elkaar de pil te gebruiken, maar ik kan met uitstrijkjes zien aan de baarmoedermond wie doorslikt. Dan is die helemaal gezwollen en bloedt heel makkelijk bij aanraking. Ik kan me niet voorstellen dat dat goed is, op de lange termijn. Maar wie ben ik?

Nou ja: lang verhaal kort > Jill is happy en kan heerlijk ongegeneerd genieten van de zomervakantie.

Nou ik nog. Misschien in 2030, als mijn eieren ein-de-lijk op zijn.

Bron: Pixabay.com