Even pas op de plaats.

Omdat Vlams nieuwe bedrijf vooralsnog niet loopt zoals het moet lopen, moeten wij financieel behoorlijk pas op de plaats doen.

Ik heb daar niet zo’n moeite mee.

Ik ben niet zo’n luxepopje. Ik heb geen dure wijnen nodig, of uitetentjes. De Chianti van de Aldi à € 4,29 smaakt mij prima. De lunches met nicht en vriendinnen moeten maar even wachten. Gewoon even ergens koffie drinken is ook fijn en gezellig. Ik heb een enorme voorraad lippenstiften waar ik nog jaren op kan teren, dus op dat front heb ik ook niks nodig. Qua kleding ben ik redelijk saai. Een zwart jurkje is wat ik het meeste draag. Een andere kleur panty met matching oorbellen en het is net een andere outfit.

Maar wat ik wél weer eens leuk zou vinden, vooral onder het mom van ontspanning, is een dagje sauna.

Véél te lang geleden is dat.

Ik bedacht me dat vanmorgen omdat ik het er met een patiënte over had. Bloot lopen en er moeite mee hebben. Zij vertelde me enorm preuts te zijn. Ik snap het wel hoor, dat mensen liever het lijf bedekt laten. Naakt is ook best een drempel. Het is nogal privé, dat wat je onder je kleding hebt.

Maar ook om je en plein publique op je onaantrekkelijkst te showen. Want laten we eerlijk wezen: een aangekleed mensch is mooier.

Ik kan met kleding best wel één en ander camoufleren. Ik beheers de kunst de nadruk te leggen op dat wat positief is aan mijn lijf. Ik ben een appel op pootjes. Zo rond als het maar kan zijn. Maar, oh mazzel: ik heb slanke benen. Dus daar leg ik de nadruk op. In de hoop dat men daar op gefocust is en dat ronde wat minder ziet.

Naakt is en blijft behoorlijk confronterend: ik heb een hangbuik, op mijn linker borst zit een heel vaag restant van een oude tatoeage die na enkele laserbeurten nu lichtgrijs is. Het lijkt wel schimmel. Dan heb ik nog een te dikke kont met een fraaie verzameling putjes. En na ‘enkele’ jaren iets teveel eten en wijntjes én 44 jaar zijnde, heb ik ook twee extra ‘zakken’ onder mijn schouderbladen. Ik transformeer langzaam in een kameel, geloof ik.

De eerste keer is het misschien ook even schrikken om al dat hangende, lellende blote vel en die deinzende lichaamsdelen van andere mensen te zien. Maar na de eerste keer kijk je nergens meer van op. En wil je meer.

Of niet.

Zo kan ik mij een zeer preuts ex-vriendje herinneren dat ik introduceerde in het begrip sauna. Hij kleedde zich al uit achter een handdoek en liep vervolgens spiedend en buitengewoon ongemakkelijk het saunacomplex binnen. De eerste de beste die hij zag, was een zeer voluptueuze dame die een halve meter toiletpapier tussen haar billen had gekleefd. Als een vlag wapperde het achter haar aan.

Hij was meteen afgekickt.

En ik zie dat ik gigantisch afgedwaald ben. Ik wilde het hebben over geld. Nou ja: hersenletsel hè? 😉

U houdt dus nog een blog tegoed van me.

Bron: Pixabay (87390)

Ik moet echt wat meer op mezelf gaan letten.

Van het weekend schrok ik mij een hoedje. Want wat zag ik? Een dikke zwarte haar. Groeiend uit mijn eigen kin.

Hij was zeker een centimeter lang.

Hij lachte gewoon naar me.

De bastard.

Ik wist natuurlijk allang dat het verval genadeloos aan het toeslaan is bij mij, maar deze was nieuw voor me. Haar uit mijn kin. Wat is in vredesnaam de volgende stap? Donshaar op mijn kaaklijn? Doorgezakte voeten? Schimmelnagels? Een atrofische vagina?

Ik gaf Vlam op zijn flikker. Ik vroeg hem of hij überhaupt nog wel eens naar me keek. Ik bedoel: een zwárte haar! Een centimeter lang! Zo’n ding groeit echt niet in één nacht aan. Die moet er op zijn minst al weken gezeten hebben.

Mijn hemel.

Ik ben zo iemand die altijd andere mensen in de gaten houdt. Die ze behoedt voor gênante momenten. Ik pluk elke dag haren van de trui van mijn collega. Ik attendeer mijn werkgever op tandpasta op zijn kin. Waarschuw de secretaresse van de fysio’s dat ze een stukje sla tussen haar tanden heeft. Hint Jill als ik een koe in haar neus zie zitten. Ik bedoel: we moeten elkaar toch een beetje helpen niet? Je kunt moeilijk de hele dag in de spiegel gaan zitten koekeloeren of je er nog wel een beetje fatsoenlijk bijloopt. Daar heb je bijna een dagtaak aan.

Overigens heb ik bij iedereen keurig netjes toestemming gevraagd. Of ze het wel oké vinden als ik dat doe. Me bemoeien met hun uiterlijk. Behalve bij mijn werkgever trouwens. Bij hem druk ik mijn bevindingen gewoon door zijn strot. Als ik niet op hem let, vervuilt hij gewoon. Loopt hij net zo rustig de hele dag met een wapperende neushaar rond. Of een halve uitsmijter op zijn borst. En dat kan echt niet.

Oh. En Vlam vraag ik eigenlijk ook nooit iets. Ik pak gewoon een schaartje en knip zijn wenkbrauwen bij als ik denk dat dat nodig is. Ik heb niet de behoefte om naast een Muppet te gaan lopen tenslotte.

Ik stel het zelf ook enorm op prijs als mensen mij ook even inlichten over spatjes hardgeworden zacht op mijn jurk. Of als ik uit mijn mond riek. Of als ik van die vieze zwarte stukjes van mascara in mijn ooghoeken heb.

Zég het alsjeblieft!

Maar blijkbaar is er niemand die een beetje op mij past. Komt het uiteindelijk gewoon weer op mezelf aan. En wordt het nou wel eens tijd dat ik eens wat meer op mezelf ga letten, in plaats van op anderen. En gezien mijn leeftijd zal ik daar wel een dagtaak aan gaan hebben, ben ik bang.

Eerst vanmiddag maar eens naar de Hema. Voor een vergrotende spiegel.

En naar een buitensportwinkel. Voor een mijnwerkerslamp.

Bron: Pixabay.com

Volledig verwaarloosd.

Een weekje ziekenhuis doet een mensch niet goed. Ik bedoel in dit geval puur de uiterlijke mensch.

Voor ik in het ziekenhuis belandde, had ik ruim 4 weken knetterende hoofdpijn. Hoofdpijn die liggend het beste te doen was, bizar werd als ik overeind stond en nóg erger werd als ik mijn hoofd voorover boog.

Natuurlijk overbodig te zeggen dat ik zo min mogelijk bewoog. Ook niet richting douche en spiegel.

Toen ik uit het ziekenhuis kwam, heb ik nog bijna 2 weken voornamelijk plat gelegen. Dat gaatje in mijn duraalzak was dan wel gesloten dus mijn hersenen zweefden weer zalig in genoeg vocht. Maar door de lange drooglegging waren ze, aldus de neuroloog ‘enorm gezwollen’.

Ik had nog steeds pittige hoofdpijn.

Voorover bukken was nog steeds geen feestje.

Mag u raden hoe mijn benen en bikinizone eruit zagen?

De beenharen prikten door mijn legging heen.

Ik had zelfs téénhaar! Echt hè? Op mijn grote- en wijsteen. Ze zwaaiden gewoon naar me.

Vlam aaide op een gegeven moment over mijn buik en zijn vingers bleven bijna haken toen hij wat te laag kwam. ‘Ja ja, dát heb je waarschijnlijk al niet lang gevoeld’ zei ik nog, om de situatie te redden. ‘Yep. Een jaartje of 30 al zeker niet meer nee!’ proestte hij uit.

Er was meer haar op ongewenste plekken.

Mijn normaliter keurig gecoiffeerde wenkbrauwen waren veranderd in Neandertalische strepen pluis. Ik had nog net geen unibrauw. Ik leek verdorie wel een uil!

Toen ik dichterbij de spiegel kwam, zag ik een heuse wapperende neushaar.

Ik had kleine pukkeltjes in mijn gezicht.

Mijn huid was dof en grauw door te weinig buitenlucht, teveel medicatie en wekenlang pijn.

Werk aan de winkel.

Ik begon met een grondige scheerbeurt. Het doucheputje was nog net niet verstopt. Kapot was ik van dat half uurtje werk. Bizar hoe snel je lichaam achteruit gaat als je niets doet.

Een dag later pakte ik mijn wenkbrauwen aan. Ik rukte en trok en knipte en fatsoeneerde de hele boel tot twee keurige boogjes.

Mijn huid werd gescrubt en ik heb er inmiddels al diverse maskertjes op gesmeerd en sowieso gebruik ik de afgelopen week een extra vochtinbrengende crème. Dat scheelde al een slok op een borrel. Nu nog wat meer buitenlucht.

Maar het állerergst was mijn haar. Toen we terug kwamen van onze vakantie in Spanje was mijn haar al een ramp. Een overdosis zon, chloorwater en zee hadden geen goed gedaan. Mijn blonde highlights waren veel te wit geworden, mijn haar viel uit als een gek en het stond “Alicante” op. Ik hield de boel in toom met olie en trok het in een strakke staart. Ik moest zo snel mogelijk naar de kapper. Maar mijn hoofdpijn begon een week nadat we thuis waren gekomen, dus dat is er nooit van gekomen.

Eergisteren hees ik mij voor het eerst weer op de fiets en bezocht mijn kapster, ook wel “Reddende Engel” genoemd.

Er is zeker 20 centimeter af. Haar dat niet meer te redden was. En ze werkte professioneel mijn omhoogspringende grijze nylondraden weg. Deed een likje donker op mijn slapen en streek er een paar lowlights in.

Thuisgekomen was ik kapot! Ik hijgde als een postpaard van anderhalve kilometer fietsen en vijf trappen. Het zweet stond ik mijn bilnaad.

En -helaas- ik had ook weer wat lichte hoofdpijn.

De rest van de middag en avond kon ik niets meer.

Mááár: ik had het er wel voor over.

Ik zie er weer uit als 30.

Nou ja; als ik mijn lenzen uit heb dan.

Mijn absolute favorieten.

Ik vind het altijd geinig om te zien wat andere vrouwen gebruiken. Waar ze absoluut niet zonder kunnen. U ook? Zo niet, klik dan vandaag maar meteen weg 😉

Ik dacht -voor ik begon aan dit blogje- even snel één en ander te verzamelen voor de foto. Ik blééf lopen. Blijkbaar is er meer waar ik niet “zonder” kan, dan dat ik dacht. Kortom: ik ben een echte vrouw.

Komen ze:

Handcrème die ik altijd koop in de Spaanse supermarkt. Mijn absolute favoriet. Alles al geprobeerd maar deze van één euro zestig is de bom.

Douchegel met orangebloesemgeur, te koop in Frankrijk. Ik sla ook altijd ruim in tijdens vakanties. Ik houd enorm van deze geur.

Biosilk silk therapy. Een paar drupjes in je haar doet wonderen en ruikt zalig. Aan de prijs, maar je doet er eeuwen mee. (Hier is ie het voordeligst, in een mega verpakking).

All about eyes van Clinique. Gebruik ik al sinds ik vijfentwintig ben. Ongeveer dertig euro, ik doe een maand of tien met zo’n potje. Valt dus best mee.

Tandenstokers van TePe. Daar kan geen rager, stoker of wat dan ook tegen op. Heel zacht voor je tandvlees. Ik heb in elke tas een doosje. Never leave home without it.

De concealer van Sisley is de beste ooit. Dúúr (rond de vijfenzestig euro), maar regelmatig met korting te krijgen en ook voor deze geldt: je doet er heel lang mee, misschien wel een jaar bij dagelijks gebruik.

Miss Dior Le Parfum. Beste geur ooit. Er zit veel amber in en daar ben ik gek op.

Één van de fijnste MAC producten. Zeker voor oude hekken. Paint Pot is het, een primer voor onder je oogschaduw. Die daardoor gegarandeerd niet meer uitloopt en niet in de plooien van je ogen gaat zitten.

Die lippenstift van MAC mag er ook wezen. Maar het is niet mijn favoriet, die heb ik namelijk niet. Ik gebruik honderd en één soorten door elkaar. Maar er móést een lippenstift bij want ik gebruik dat echt elke dag. Ik ben een aardige junkie.

Essie is the best. Ik laat me nooit meer verleiden tot andere nagellak. Coating erover en je kunt zo een week vooruit.

De Vamp mascara van Pupa is ongeëvenaard. Ik heb álle merken geprobeerd, maar deze is het allerbeste.

Weer een Clinique topper. DDML. Perfect voor mijn droge huid. Hydrateert als een gek.

En nóg eentje van dat merk. Rinse Off Eye Make-Up solvent. Nooit meer boenen, even deppen en je veegt alles er zo af. Niet geschikt voor waterproof mascara. Ik doe met zo’n flesje een maand of zeven/acht.

De Ultra Dry Fresh deo van de Etos à één euro vijftig laat geen druppel door. Top.

Er is geen betere zonbescherming dan die van La Roche Posay. Ook zeer geschikt voor mensen(kinderen) met een zonneallergie. Ik bestel ‘m altijd in België. Daar is hij het voordeligst.

Purol! Zalig. Ik kan het wel blijven smeren. Het lekkerste spul voor de lippen. Vlam haat het, hij vindt de geur drie keer niks. Jammer dan voor hem. Dan maar wat minder zoenen 😉

En last but not least: de pincetten van Tweezerman. Zelfs het kleinste haartje trek je er zonder problemen uit. Ik ga nooit de deur uit zonder. Ik moet er niet aan denken dat ik ergens iets uit voel steken en dat ik het er dan niet uit kan rukken. Zeer irritant.

Dat ik dit nog eens ging doen.

Ik heb iets geks gedaan.

Ik ben er zelf nog lichtelijk van in shock.

U gelooft het vast ook niet als u het leest.

Ik heb platte schoenen gekocht!

AARRGGGH!

Platterdanplat zijn ze. Nul hakje. Nou ja: of je moet één centimeter meetellen. Ik niet dus. Één centimeter is niks op de hakschaal. Een lachertje.

Dat kwam zo. Ik had een paar of *kucht* vijfenzestig schoenen. Allemaal hoger dan tien centimeter. Ik heb één paar wandelschoenen dat ik nooit draag omdat ik er maar blaren van blijf krijgen. En ik heb één paar Adidas sneakers. Speciaal aangeschaft toen ik drie jaar geleden met Vlam voor mijn verjaardag in Maastricht was en ik bijkans mijn nek brak op al die kinderkopjes. Ik ben een held op hakken maar dit was zelfs voor mij too much. Uren wandelen op zo’n ondergrond met je dunne hakjes. Toen bedacht ik dat het eigenlijk wel handig was om in ieder geval één paar “normale” schoenen te hebben. Voor nood.

Zoals bekend heb ik wel eens last van mijn heup. Scheurtje in het labrum. Zeer pijnlijk. Als het echt erg is, kan ik mijn linkerbeen niet eens belasten, dan zak ik er zo doorheen. Dan strompel ik door het huis. Me vasthoudend aan alles dat op mijn pad komt. Lopen gaat soms echt bijna helemaal niet dan. Na zo’n heftige periode, die meestal -Goddank- maar een dikke vierentwintig uur duurt, heb ik wel een dag of vier nog veel napijn. Ik loop dan nog steeds moeilijk en vooral als ik even gezeten heb, heb ik opstartproblemen.

Op hoge hakken lopen is dan echt geen gezicht. Ik lijk dan zo’n vrouw die kost wat kost moet. Je ziet ze wel eens door de stad hinkelen. ‘Meid, flikker die hakken in de prullenbak en koop een paar sneakers’ is dan wat ik altijd denk. Vrouwen die gracieus op hakken lopen vind ik mooi om naar te kijken. Wordt er gestrompeld of lopen ze erop alsof het pijn doet, dan is het als een vlag op een modderschuit. Dan is het helle effect van mooie schoenen weg.

Ik heb de afgelopen weken heel veel schoeisel verkocht. Al mijn zitschoenen, pumps waarop zelfs ik het alleen maar volhoud van de auto naar een restaurant en weer terug, zijn op Marktplaats verkocht. Ik heb heel veel vrouwen in den lande blij gemaakt met bijkans nieuwe merkschoenen. Voor weinig. Zilveren hakken, gouden hakken, pumps met doodshoofden… Het liep als een tierelier. Ik bleef naar het postkantoor fietsen.

Ik heb het geld apart gezet en mijzelf een leuke tweedehands appelgroene tas gegeven én onderstaande stappers gekocht. Voor de dagen-van-nood.

Nou er alleen nog even op leren lopen. Ik lijk PVD wel Donald Duck, wijdbeens loop ik op die dingen. Over niet charmant gesproken.

Nou ja: oefening baart kunst, toch?