Gatenkaas

De leukste periode, en die dus ook meteen het snelst voorbij gaat, is het voorjaar. Met zijn gatenkaasrooster.

Pinkstertje hier, Hemelvaartje daar.

Ik word er wel blij van. De werkweken vliegen voorbij zeg.

Deze week hoef ik dus maar één hele en twee halve dagen te werken, daar raak ik dus niet echt oververmoeid van. En volgende week heb ik slechts drie hele dagen. Dan valt de donderdag weer uit vanwege Koningsdag. En de week dáárna, heb ik voor de verandering maar weer eens vakantie. Vervelend hoor.

Zoals inmiddels bij de meesten van u wel bekend heb ik het qua vrije dagen enorm getroffen met mijn werkgever. Ik heb buiten drie weken zomervakantie, een week met de Kerst, een week voorjaarsvakantie én een week herfstvakantie, dus ook nog eens een vracht extra dagen. Als hij niet in het pand is, mag ik namelijk geen medische handelingen uitvoeren. Hij is en blijft eindverantwoordelijk voor alles dat ik doe. Dus wanneer hij ziek is, of naschoolt, of uit moet slapen na een nachtdienst, hebben wij mazzel.

Aan de andere kant doe ik mijn nascholingen in mijn eigen tijd. En bij elke vakantie ga ik altijd even een paar uurtjes werken, een dag of wat voor we weer opengaan. Dan haal ik alle elektronische post binnen en koppel ik ze aan de juiste dossiers. Ik lees dan altijd alles even door zodat we goed beslagen ten ijs gaan. Niks zo slordig als wanneer je weer begint, er nog labuitslagen missen of dat iemand iets ergs heeft te melden en jij van niks weet. Mensen gaan er vanuit dat (ondanks dat we tweeënhalfduizend patiënten hebben) we alles weten en up-to-date zijn.

Wat wel een heel typisch verschijnsel is. U wilt niet wéten hoeveel berichten wij elke dag binnen krijgen over onze populatie. Labuitslagen, foto’s, brieven van specialisten en bezoeken aan de huisartsenpost, mutatieberichten vanuit het ziekenhuis: opname voor dit, ontslag naar huis et cetera.

En dan gebeurt het gewoon dat ik iemand tegenkom bij de Lidl, tussen broccoli en komkommer en dat diegene me dan vraagt of ik de brief van cardioloog X binnen hebt. Of hoe zijn cholesterol was. Als ik überhaupt al zou weten of dat zo is, denkt diegene dan werkelijk dat ik de inhoud uit mijn hoofd heb zitten leren? Mensen zijn vreemde wezens.

Maar ik dwaal weer eens gigantisch af.

Vakantie en vrij en zo, daar zou het over gaan.

Over veertien weken gaan we naar Moraira in Spanje. Veertien weken!

Afgelopen zondag kocht ik alvast maar een nieuwe bikini. Want deze vakantie hebben we een appartement gehuurd en delen we een zwembad met de buren. En gaan we naar het “gewone” strand. Niks rondlopen in onze blote konten dus. Er moest bil- en borstbedekkende kleding komen.

Oh, en de zonnebrandcrème is ook onderweg, die wordt morgen bezorgd.

Ik ben er vroeg bij, want voor je het weet is het half juli tenslotte.

Time flies.

Preutse toestanden

Nou ben ik misschien niet echt een graadmeter, omdat ik een voorkeur heb voor nakend op het strand rondlopen en daarbij ook nog eens bedroevend weinig schaamtegevoel heb, maar het valt mij op dat de jeugd van tegenwoordig wel heel erg preuts is. Of heb ik het nou mis?

Jill en BFF hebben nog nooit elkaars borsten gezien, laat staan de rest.

Omkleden doen ze apart van elkaar. Als ze hun truitje uittrekken, draaien ze de rug naar elkaar toe. Want stél je voor.

Douches en toiletten gaan hermetisch op slot en ze wachten keurig voor een gesloten deur tot ze aan de beurt zijn.

En ze zijn daar geen uitzondering in.

Ik was in shock toen ik het hoorde.

Zó verschillend met toen ik puber was.

Vroeger, als ik logeerde bij mijn beste vriendin, sliepen we (half)naakt bij elkaar in hetzelfde bed. Zij had een douchecabine in haar keuken staan en als zij of ik daar onder stond, dan zagen we -oh horror- elkaars tepels en schaamlippen. Ik vond het de normaalste zaak van de wereld.

Thuis lopen we ook bloot rond van en naar de badkamer of als we ’s nachts moeten plassen. Hebben we altijd ook zo gedaan.

Ineens, een jaar of drie (?) geleden spotte ik mijn kind in een handdoek in de gang. Schichtig om zich heen kijkend, als de wiedeweerga richting douche gaand. Als de dood dat ik haar blote lijf zou zien.

Ik heb er nooit wat van gezegd, zal dat ook nooit doen. Moet ze lekker zelf weten. Het mag. Maar eigenaardig vond en vind ik het wel.

Ook typisch: op het strand wordt er uitgekleed achter een grote handdoek. Volgens mij trekt die onhandige en langdurige show die je daar geeft, veel meer bekijks dan wanneer je even -rats, rats- je broekje van je billen aftrekt en een ander exemplaar aantrekt. Maar ik schat dat wanneer je dat zo doet, je zeker wel drie hele seconden je kont open en bloot laat zien aan de hele goegemeente. Moet je toch niet aan denken?

In Mimizan hadden we aan de kant waar andere bewoners van het erf ook liepen, de badkamer. Met raampje. Zonder gordijntje of van dat plakplastic. Maar je moest wel verdomd goed je best doen om daar iemand onder de douche te zien staan. En dan misschien net het hoofd, want de rest van het lichaam verdween achter de muur.

“Wedden dat daar iets voor gehangen gaat worden?” zei ik nog gniffelend tegen Vlam, toen Jill zich nog niet bij ons gevoegd had.

En jawel hoor. Leer mij mijn kind kennen. De eerste de beste keer dat la Bill ging douchen, werd er aan de buitenkant zeer zorgvuldig een strandlaken gedrapeerd. Knappe buur die daar nog doorheen kon gluren.

Kijk, ik ben heel erg verheugd dat Jill zich niet nakend in de eerste de beste armen van een geile mannelijke medepuber werpt, maar dit is wel het andere uiterste als je het mij vraagt.

Zó hebben we je niet opgevoed! ;)