De wonderen zijn de wereld nog niet uit.

Morgen ga ik iets zéér uitzonderlijks doen.

Iets dat zó niet mij is.

U raadt het nooit.

Nog in geen miljoen jaar.

Nee, ik ga geen witte driekwartlegging aantrekken.

Nee, ik ga ook geen hond kopen.

Nee, ik heb geen UGG’s besteld.

Ik ga sporten. In een sportschool. Met van die apparaten en zwetende mensen en flesjes water.

Om half één heb ik een intake met een fysiotherapeut en ga ik mijn eerste ronde doen. Na wikken en wegen wordt het een sportschool die een zogenaamde Milon Cirkel heeft. Een zuil in het midden, apparaten in een -u raadt het al- cirkel daar omheen. Je stopt je pasje in die apparaten en ze springen *floeps* zo in de juiste houding. Speciaal op mijn (lichaams-) maat en op mijn van te voren opgestelde trainingsprogramma. Je doet die cirkel twee keer. Cardio-apparaten doe je vier minuten, krachttraining steeds één minuut.

Ik vind iets nogal snel saai of vervelend. Ik moet er niet aan denken weetikhoelang iets hetzelfde te doen, ik weet nu al dat ik dat niet ga volhouden. Dit lijkt me wel prima te doen.

Ik heb afgesproken net aan de telefoon dat er bij mijn persoonlijke aanpassingen echt absoluut rekening moeten houden met mijn linker heup. Ik wil één en ander niet forceren namelijk. De pijn die dat ding kan doen is namelijk niet te harden. Er werd gezegd dat dat geen probleem is. Mooi!

Als je die hele ronde twee keer hebt gedaan, ben je vijfendertig minuten verder. Het plan is om twee keer in de week te gaan. Ik zou overigens elke dag mogen, zou ik dat willen. Aan het abonnement dat ze bieden, zitten geen beperkingen. Maar dat lijkt me erg enthousiast. Ik heet Klivia en geen Fajah. En ik moet er niet aan denken ooit een sixpack te hebben, of biceps die groter zijn dan mijn borsten. Brrrr. Ik ben prima zoals ik ben. Iets minder mij zou mooi zijn. En iets meer beweging kan mijn lichaam absoluut gebruiken.

De fitnessgoeroe’s zitten nu waarschijnlijk heel hard te gniffelen. Vijfendertig minuten, whoehaha! Drie keer niks.

Maakt mij niets uit.

Dat wat ik nu ga doen, is al pure winst voor mijn lichaam. Mijn steeds stijver wordende lichaam. Als ik ’s morgens opsta, moet ik echt ontdooien. Heup, borstkas, alles staat vast. En oma is dat zat.

Ik fiets nu vier dagen in de week tien kilometer. En één of twee keer wandel ik er zes. Dat kan en dat moet meer.

Oh, en ik heb vanmorgen mijn bloed laten prikken. Zo gezond als een vis. Schildklier, lever, nieren, prima. Vitamines mooi op peil. Cholesterol oké.

En dat willen we graag zo houden.

Wordt vervolgd.

En nee: er komen geen filmpjes of selfies van mij met een knalrode kop. En ik zeg ook niet waar ik naar toe ga. Dus.