Om moedeloos van te worden.

Vorig jaar januari begon ik met koolhydraatarm eten. Ik skipte al mijn brood en at geen pasta en rijst meer.

Maakte ik iets waar normaliter pasta in hoort, dan verving ik mijn portie door een courgette in sliertjes.

Bij rijstgerechten zorgde ik gewoon voor meer groente op mijn bord.

In plaats van brood nam ik salades mee naar mijn werk.

Mijn ontbijtjes van crackers werden yoghurt met fruit.

Ik viel er negen kilo mee af in een jaar tijd. Best netjes, me dunkt.

Zo streng als ik was, dat ben ik niet meer. Ik neem nog steeds zuivel als ontbijt, salade als lunch en rijst eet ik zelden meer. Maar tussendoor neem ik nu knäckebröd of iets van fruit, of noten. Brood eet ik misschien één keer in de twee weken. De salades komen danig mijn strot uit moet ik eerlijk zeggen, maar ik houd koppig vol. Ik moet wel, want ik ben zo’n appel op pootjes die al aankomt van alleen een kookboek lezen.

Toen ik de teugels wat liet vieren, kwam ik meteen al twee kilo aan. Vervelend, maar niet onoverkomelijk. Ik bleef een half jaar stabiel. Ik moet eerlijk bekennen dat ik er veel moeite voor moest doen, constant op moest letten, keuzes moest maken, maar het lukte me.

Ik heb onder andere een tip toegepast die ik hier op mijn blog wel eens las als reactie. Ik eet alleen achtjes. Heb ik ergens trek in of biedt men me wat aan? Dan geef ik het een cijfer. Is het me écht waard om naar binnen te frommelen? Is het een acht of meer > doen. Scoort het lager > niet doen. Dat werkt echt. Alle traktaties op mijn werk zijn per definitie een zesje, dus op jaarbasis scheelt dat een slok op een borrel.

Ik plan ook van te voren. Ga ik vanavond aan de lasagne dan moet ik overdag even rustig aan doen met de koolhydraten. Morgen eters? Vandaag op een houtje bijten.

Twee weken geleden ging ik op de weegschaal staan en ik schrok me werkelijk kapot. Ik was ik drie (!) kilo in één week aangekomen. Terwijl ik -cross my heart and hope to die- niks geks heb gedaan. Ik heb geen sloten wijn naar binnen gegooid, ik heb me niet vergrepen aan zakken chips, me niet voorover in een bak ijs laten vallen, niets! Ik stond ook niet op het punt mijn happy period in te gaan dus kan me niet voorstellen dat het vocht was.

Ik was nooit obsessief bezig met mijn lichaam, maar hier werd ik dus wel even moedeloos van. Nogal. En sindsdien ben ik me de hele tijd aan het afvragen wat ik niet goed doe. Het zit echt in mijn hoofd. Ik begin op een echte vrouw te lijken geloof ik.

Ik ben in ieder geval stug doorgegaan met mijn voeding zoals ik het daarvoor ook deed maar ik heb sindsdien mijn wekelijke weegmoment mooi overgeslagen. Ik durf niet meer.

Ik zou mezelf bijna een te snel werkende schildklier toewensen…

Voortgang.

Naamloos
Die lunch van 800+ calorieën was een grote friet speciaal. Aan het water, bij IJmuiden. In de zon. Moest even. Dus 😉

Bovenstaande is wat ik zie als ik nu inlog op mijn voedingscentrum.

De boel is een beetje aan het verschuiven. Ik eet wat minder eiwitten en wat vaker wat meer koolhydraten.

Niet dat ik het beu ben of het niet volhoud, maar ik vind dat ik lang genoeg streng ben geweest. Op een kleine kilo na zit ik aan de acht kilo afvallen die ik voor ogen had. Dus de teugels mogen wel wat losser.

Het zal me jeuken of ik die laatste kilo nu haal, of over een maand of drie. Ik ben voornemens ook gewoon zo door te gaan, op deze koolhydraatarme voet. Met een beetje mazzel sleep ik er nog een paar extra kilo’s uit. Want technisch gesproken ben ik natuurlijk nog veel te dik. BMI freaks zullen zeggen dat ik nog steeds neig naar obesitas. Echter: ik heb maat 42, kan mijn teennagels weer lakken zonder hijgend als een postpaard overeind te komen, ik voel me fit en gezond. En die nare schommelingen die ik had, die suikerdips, die heb ik niet meer. Ook mijn periodes van PMS zijn sinds ik anders eet, zo goed als over. Kortom: ik kan dus eigenlijk alleen maar voordelen opnoemen.

De eerste weken was het even zoeken naar hoe één en ander in te passen is in je leven van gewoontes en stramien. Oké, een salade in elkaar flansen duurt twee minuten langer dan een paar boterhammen smeren. En ja, ’s avonds even een courgette tot slierten draaien en opbakken, is een extra handeling en een extra pan die je vies maakt. En ’s middags een appel schillen is inderdaad meer werk dan een koekje uit een trommel rukken. Maar op een gegeven moment weet je niet beter.

Ik ben van plan de aankomende periode, en dan ook alleen maar als ik er zin in heb, op één moment van de dag koolhydraten te eten. Dus volgens het GOK principe. Dat lijkt me wel wat. Om de boel een beetje levendig te houden, niet binnen no time weer te verzanden in oude gewoontes. Maar vooral ook omdat ik merk dat wanneer ik eenmalig iets neem dat barst van de koolhydraten, ik er niet zo sterk op reageer als voorheen. Toen ik na de maaltijd volledig instortte. Dat rotgevoel heb ik al maanden niet meer gehad. Dus ik durf weer.

Maar die GOK methode is ook erg handig in het sociale leven. Het is niet zo dat ik een allergie heb dus ik kan en mensen bij wie ik ga eten, niet dwingen voor mij anders te gaan koken. Dat zou ik ook niet willen trouwens. Maar als je dus weet dat je ’s avonds het haas bent en een pasta voorgeschoteld gaan krijgen, kun je de rest van de dag, zonder je schuldig te voelen, je daar op instellen. Dan neem je gewoon overdag toch niets dat niet “mag”? Simpel.

Want diëten is -mijns inziens- supermakkelijk vol te houden als je gemotiveerd bent. Het zijn de mensen om je heen die het onmogelijk maken. Er is altijd wel één of andere onverlaat die jarig is. Of die het gezellig vindt als je komt eten…

Zucht.