Begin-van-je-dag tag

Ik jatte maar weer eens een stokje. Deze las ik eerder deze week bij De Gans, maar ik zag ‘m nu ook gisteren bij Melody voorbijkomen. Geen idee of u er op zit te wachten te weten hoe mijn ochtendritueel eruit ziet, maar soit, het kan niet altijd een zelfverzonnen feest zijn hier.

Hoe laat gaat de wekker: om kwart over zes (!) Ik ga om half acht de deur uit dus ik besef me terdege dat het extreem aan de ruime kant is, dat ik best nog wat langer zou kunnen liggen. Maar als ik ergens een schurfthekel aan heb, is het aan haasten. Dat ik met zweet in den bilnaad en op den bovenlip het pand moet verlaten. Dus neem ik overal ruim te tijd voor.

Snoozen of meteen naast je bed? Meteen eruit. Wakker = wakker. Mits het weekend is. Dan lig ik graag nog even in Vlams armen. ‘Wil je er al uit?’ vraagt ie wel eens aan me. ‘Nee, nog één minuutje, ik lig zo lekker’… ‘Jaja, die minuutjes van jou kennen we’… is steevast zijn antwoord.

Wat is het eerste wat je doet als je ’s ochtends wakker wordt? De wekker op mijn telefoon uitzetten. Ik ben als de dood dat die afgaat namelijk. Van harde geluiden (en zeker ’s morgens vroeg) raak ik nogal geagiteerd.

Word je uit jezelf wakker? Of heb jij daarvoor een wekker nodig? Als mijn telefoon eens per maand afgaat, is het veel. Ik word altijd een minuut of vijf voor hij afgaat, uit mezelf wakker. Mijn biologische klok werkt perfect.

Koffie of thee? Ik dronk tot een week of drie geleden altijd een halve liter loeisterke Earl Grey. Zakje in de beker laten. De bodem niet kunnen zien. Zalig. Dat vind ik nog steeds. Maar tegenwoordig probeer ik te minderen met zwarte thee en begin ik de ochtend met een halve liter kefir. In de hoop dat mijn darmen beter gaan werken. Tot zover nul resultaat. Ik sta op het punt mijn thee weer te omarmen.

Ontbijt jij of sla je die maaltijd liever over? Ik ontbijt altijd. Ik heb altijd trek als ik wakker word. Doordeweeks met kefir. In het weekend met knäckebröd met geitenkaas.

Douchen of in bad? Douchen. Vrij lang. Mijn enige milieuzonde.

Hoeveel tijd heb je nodig voor je make-up en haar? Hooguit een kwartiertje. Ik maak me als ik moet werken altijd op. Mascara en concealer. Soms een beetje oogschaduw. Ben ik vrij dan ga ik net zo makkelijk met een blote-billen hoofd de deur uit. Mijn haar borstel ik en doe ik in een staart. Fohnen en stylen en getrut is niet aan mij besteed.

Hoe ziet je ochtendritueel eruit? Alles op het gemakkie.

Hoe laat ga je de deur uit? Half acht sharp.

Wat is je grootste ergernis in de ochtend? Geluiden en gedrentel op me heen. Wee je gebeente als je mij in de weg loopt. Of gaat praten tegen me. Of irritant vrolijk bent. Of te hard ademt. Maar verder heb ik geen ochtendhumeur hoor.

Wat is je tip om de ochtend zo goed mogelijk te starten? Voor mezelf? LAAT ME MET RUST!

Heimelijke genoegens

Bij mijn lieve blog- en inmiddels ook irlvriendin mevrouw Williams, las ik vanmorgen een leuk en verrassend stukje over haar heimelijke genoegens.

Ik vraag me af of ik na bijna acht jaar bloggen en mijn openhartigheid nog opzienbarende zaken te melden heb voor u, maar ik ga mijn stinkende best doen.

Oké. Komt ie.

Waar wordt dit mensch stiekem blij van?

Mon chéri. Die smerige kersenbonbons van Ferrero. Eentje per dag. Bij de espresso die ik na mijn eten drink. Ik heb kersenbonbons gegeten van alle merken en van alle bakkers en van alle chocolatiers. Hele dure handgemaakte ook. Ik blief ze niet. Smeer maar in uw haar. Mon Chéri is de enige die nat en drankerig genoeg is.

Ik vind het zalig om als ik vrij ben, na de lunch even een uurtje te pitten. Liefst ga ik gewoon in bed liggen. Niet dat laffe op de bank. Nee, uitkleden en in bed gaan liggen. Opoe Klivia.

Soms bestel ik online een hele doos met kleding en houd ik niks. Omdat ik me heus wel realiseer dat ik niets nodig heb. Ik heb anderhalve meter kleding en een lade vol. Me dunkt genoeg. Die enorme doos moffel ik dan stiekem naar boven en als ik uit gepast ben, gaat ie ook weer in het geniep terug naar het postkantoor. Ik heb geen behoefte aan commentaar van Vlam. Die vindt dit namelijk een rare afwijking van me. Zelf word ik er heel blij van.

Ik houd er enorm van om een paar uur alleen thuis te zijn. Dat is geen geheim. Iedereen, incluis u, die weet dat. Maar het is soms zó erg, die drang even niemand te zien, dat ik echt een enorme opluchting ervaar die vanuit mijn tenen komt, als man en kind opge -eh- zout zijn. Ik voel me dan echt kilo’s lichter. En schuldig. Dat laatste kortdurend dan hè?

Sinds een paar weken neem ik bijna elke avond voor ik ga slapen, twee druppels wietolie mét THC. Ik ben aan het kijken of het helpt tegen mijn gewrichtspijn. Vooralsnog niet. Maar ik slaap als een os van dat spul. Wat een zaligheid.

Ik ben een mens met bijna dagelijks buikpijn. Vanaf kinds af aan al. Ik ben een zogenaamde “vasthouder”. Zelfs letterlijk. En als ik dan een periode heb dat ik in plaats van twee keer in de week, elke dág naar het toilet ga, dan kan ik daar enorm blij van worden. Dan kom ik echt intens gelukkig en ontspannen van het toilet af. Dan zie ik mezelf in de spiegel een blij ei zijn en dan vind ik mezelf echt ronduit gestoord.

Nou ja.

Het is handiger en goedkoper om dáár blij van te worden, dan wanneer je steeds nieuwe schoenen aanschaft.

Oh wacht.

Dat doe ik ook…

En u? Vertel? Waar wordt u nou stiekem blij van?

Gewichtige zaken

De afgelopen vakantie besloot ik, na zeven maanden mijn stinkende best te hebben gedaan op het lijnvlak met als prachtig resultaat negen kilo eraf, de teugels lekker te laten vieren. Ik vind niets zo sneu als tijdens een vakantie calorieën te gaan zitten tellen.

Zo ontbeet ik in plaats van met kwark, met verse knapperige Franse baguettes met daarop dikke lagen van die goedkope knalrode salami. En met camembert en Nutella. Voor de show nam ik daarbij een bakje yoghurt met meegebracht lijnzaad en psylliumvezels. En ik slikte elke morgen drie pillen met magnesiumoxide. Omdat de control-freak in mij niet in één klap haar dieet kon laten vallen en ik als de dood was voor geblokkeerde darmen.

Tussen de middag aten we meestal taboulé. Een soort cous cous salade. Die je in Frankrijk overal in de supermarkten in megabakken kunt aanschaffen. Lekker makkelijk.

’s Avonds aten we vlees en brood en groente. Ik nam meestal maar één of twee stukjes brood en wat extra groente. Ook weer vanwege de vezels.

Tussendoortjes heb ik niet genomen. Doe ik thuis alleen een soort van verplicht om mijn bloedsuikerspiegel stabiel te houden en omdat ik tussen kwark en lunch anders echt van mijn bureaustoel afflikker.

Wél gingen we zo om de dag zwaar aan de snack. Chips (in Frankrijk bakken ze die in andere olie en gebruiken ze veel minder zout, zó lekker), olijfjes en van die geweldige kleine kaasjes. Ik was nogal verheugd dat er wéér nieuwe smaken zijn bijgekomen. Ganzenlever onder andere. En rauwe ham. Ahhhhh!

Naamloos

Ik heb niet op mijn drankgebruik gelet, maar Vlam en ik hebben ons keurig netjes gedragen al zeg ik het zelf. Ik heb elke dag een glas of vijf wijn gedronken denk ik. En samen één fles Ron Miel, verdeeld over twee weken. Voor drankorgels als wij, is dat buitengewoon netjes te noemen.

Helaas werkte de acute omschakeling van bijna geen koolhydraten naar elke dag (wit!)brood en cous cous en een behoorlijke mindering van groentes, zwaar op mijn darmen en zwol ik op tot ongekende proporties. Om de drie dagen een flinke overdosis bisacodyl heeft mijn leven gered. Handig dan ook dat je op drie minuten lopen van het strand “woont” en ik zo nu en dan met samengeknepen billen praktisch rennend naar het toilet kon ;)

Toen ik eenmaal thuisgekomen op de weegschaal ben gaan staan, schoot ik meteen in een depressie. Plus vier kilo. Hád ik maar…

Een dag later waren daar alweer twee vanaf.

En inmiddels ben ik, we zijn nu vijf dagen thuis, één kilo en vier ons zwaarder dan toen ik wegging.

Gelukkig ben ik geestelijk een stukje lichter door die drie weken vrij.

Persoonlijk vind ik dat nét even wat belangrijker op dit moment.

Stoelgang.

Waarschuwing. Dit gaat een praatje poep worden.

Geen zorgen daarentegen; het blijft netjes. Als ik ergens niet van houd, is het platte praat en onderbroekenlol. (Alhoewel het in dit geval dan weer wél heel goed zou kunnen passen.)

Ik wil dit blog schrijven omdat ik een geweldige tip heb voor alle verstopte lezers die ik echt móét delen! Want ik weet vanuit mijn beroep dat er heel erg veel mensen kampen met obstipatie.

Veelal is het een gebrek aan vezels en vocht en beweging. Maar het kan ook andere oorzaken hebben. In mijn geval speelt stress een enorme rol.

Ik houd dingen vast, ben een waardeloze loslater. Ik verkramp bij spanningen. Zelf mijn buik gaat ervan op slot. Ik houd dus letterlijk ook alles vast en binnen.

Het is ooit begonnen toen ik kind was. Opgroeiende in een gezin waar heel veel spanning was. Een scheiding toen ik vier was, nog eentje toen ik dertien was. En tussendoor veel ruzie. Een zuipende stiefvader, een huilende moeder. Altijd het gevoel hebben op je tenen te moeten lopen.

Mijn buik vond dat -net als mijn hersenen trouwens- niet leuk en en gevolg was dat ik eigenlijk elke dag buikpijn had. En maar een paar keer per week naar de wc ging. Ik ben in het ziekenhuis binnenstebuiten gekeerd. Niks gevonden. Ik kreeg van de huisarts zakjes die normaliter gebruikt worden om je darmen te legen voor een onderzoek. Noppes, nada.

In de loop van de jaren heb ik echt alles geprobeerd. Van sennapeulen, tot gedroogde pruimen, van Movicolon tot Forlax. Liters water, genoeg beweging. Vezelrijk eten, veel bruin brood.

Eens in de zoveel tijd, als ik echt niet meer kon en het gevoel had een soort wandelende kliko te zijn waar de klep bijna niet meer van dicht kon, nam ik vier tabletten bisacodyl tegelijk en wachtte ik op verlossing. Letterlijk.

Mensen die een goeie stoelgang hebben, weten niet hoe K U TEE het is om niet tot amper naar het toilet te kunnen gaan. De buikpijn is killing. Het gevoel van letterlijk propvol te zitten, is waardeloos.

Ik heb tijdens vakanties op prachtige plekken gezeten, met heerlijk gezelschap en dito eten. Maar dan kon ik amper een hap door mijn keel krijgen. Vol = vol namelijk. En dat je je dan toch dwingt tot eten omdat je die ander niet wil teleurstellen. Maar eigenlijk het liefste opgerold ergens in een bed wilt gaan liggen.

Ik was toen ik begon met mijn koolhydraatarme dieet dan ook als de dood voor de gevolgen op mijn darmen. Geen bruin brood meer? Geen volkoren crackers? Oeiii.

Ik besprak het terloops tijdens de lunch met een bekkenbodemfysiotherapeute uit hetzelfde gebouw als waar ik werk. Beroepsdeformatie. Tijdens je salade over poep praten. Niets is ons vreemd.

Zij kwam met dé tip. Het ei van Columbus. Echt. Elke morgen roer ik twee lepels psyliumvezels door mijn kwark. (Mag ook in een glas water, wat je wilt) Ik doe er voor de zekerheid nog wat gebroken lijnzaad door. Maar dat laatste is eigen inbreng. (En nee. Voordat de tips binnenstromen: het heeft niet hetzelfde effect als die poeders die je van de dokter krijgt waar deze vezels ook inzitten. Ook die tabletten van het Kruidvat zijn niet net zo goed. Dit werkt echt véél effectiever! Trust me, ik schreef al dat ik álles geprobeerd had.)

Sinds ik dat doe, ga ik als de brandweer. Klinkt misschien raar; maar ik kom elke dag weer gelukkig en ontspannen van het toilet af. Echt hè? Wat een enorme opluchting. Wat een zaligheid.

Ik heb niets nodig.

Dat blijkt.